{"type":"document","data":{"id":"e71e7616-b111-41fa-8acd-a5e32696f0e0","localeString":"nl-NL","publishDate":"2026-04-23T15:25:13.699+02:00","contentType":"onecms:editorialPage","hasMacro":false,"flexPageMetadata":{"afmBanner":false,"robotInstruction":{"noIndex":false,"noFollow":false},"description":"Woningcorporaties leverden in 2025 ongeveer 21.500 nieuwe huurwoningen op. Dat zijn er zo’n 2.000 meer dan in 2024"},"mainHeaderZone":{"componentType":"editorialHeader","coreHeader":{"title":"Opschalen van nieuwbouwwoningen"},"backLink":{"textLink":{"url":"/zakelijk/sector/public","text":"Public"}},"date":"2026-04-23","readingTime":3},"flexZone":{"flexComponents":[{"componentType":"sectionTitle","title":"Wat is de trend?"},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>Woningcorporaties leverden in 2025 ongeveer 21.500 nieuwe huurwoningen op. Dat zijn er zo’n 2.000 meer dan in 2024. Het is ook het hoogste aantal sinds het begin van de metingen in 2012. Corporaties namen daarmee 31 procent voor hun rekening van alle 69.200 opgeleverde nieuwbouwwoningen. De stijging is al een paar jaar duidelijk. Van ongeveer 14.000 woningen in 2022 ging het naar 21.500 in 2025. Tegelijkertijd nam de nieuwbouw door andere of onbekende eigenaren af. Daardoor dragen corporaties in een lastige markt een groter deel van de totale bouwproductie.</span></span></span></span></span></span></p>"},"alignedImage":{"position":"bottom","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/37d2be96-0c81-417d-83a7-c1f8c159755c/Grafiek-Opgeleverde-nieuwbouwwoningen","altTextNL":"Grafiek Opgeleverde nieuwbouwwoningen","original":"https://assets.ing.com/asset/37d2be96-0c81-417d-83a7-c1f8c159755c/Grafiek-Opgeleverde-nieuwbouwwoningen.svg","extension":"svg"}},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>De groei is wel ongelijk verdeeld. De meeste corporatiewoningen kwamen erbij in Amsterdam, met bijna 2.900. Daarna volgen onder meer Utrecht, Haarlemmermeer en Breda. In stedelijke gemeenten is het aandeel corporatiewoningen in de nieuwbouw relatief hoog. In minder stedelijke gemeenten komt er vaak weinig tot geen sociale huur bij. In 86 van de 309 gemeenten met meer dan tien nieuwbouwwoningen bouwden corporaties zelfs helemaal niet. In andere gemeenten bestond juist alle nieuwbouw uit corporatiewoningen. Dat laat zien dat landelijke groei niet automatisch betekent dat elke regio meeprofiteert.</span></span></span></span></span></span></p>"}},{"componentType":"sectionTitle","title":"Waarom is deze trend belangrijk voor de sector?"},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>Deze ontwikkeling laat zien dat corporaties weer tempo maken richting de afspraken met Rijk en gemeenten. In de Nationale prestatieafspraken staat dat vanaf 2029 jaarlijks structureel 30.000 nieuwe sociale huurwoningen nodig zijn. De ambitie is om dat niveau al rond 2027 te halen. Met 21.500 woningen in 2025 ligt de sector duidelijk op koers. Tegelijk is de afstand tot 30.000 nog groot.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>De cijfers maken het gesprek over spreiding en lokale regie scherper. In veel gemeenten blijft het aandeel sociale huur in de nieuwbouw al jaren onder de beoogde 30 procent. Een beperkt aantal gemeenten levert juist een groot deel van de corporatieproductie. Voor corporaties betekent dit dat nieuwbouwsucces steeds meer afhangt van lokale samenwerking. Ook telt mee of gemeenten hun woningbouwplanning, programmering en grondpositie op orde hebben.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>Deze trend onderstreept hoe belangrijk de randvoorwaarden zijn. Stikstofregels kunnen projecten vertragen of zelfs laten uitvallen, zeker als vergunningverlening ingewikkeld is. Ook een overvol stroomnet vormt een groeiend knelpunt. Veel partijen waarschuwen dat juist de combinatie van deze factoren de nieuwbouw én de verduurzaming flink kan afremmen.</span></span></span></span></span></span></p>"}},{"componentType":"sectionTitle","title":"Wat betekent dit voor jouw corporatie?"},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>Voor jouw corporatie is dit een dubbel signaal. Er is duidelijk meer vaart in de nieuwbouw. Die vaart blijft wel kwetsbaar zonder zekerheid over planning, vergunningen en netaansluitingen. In de praktijk helpt het om vroeg in het proces scherp te krijgen welke projecten je snel concreet kunt maken. Veel plannen voor de jaren na 2026 zijn nu nog minder concreet. Ze hangen bijvoorbeeld af van gemeentelijke grondposities of van besluitvorming.</span></span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>Een slimme aanpak is om portefeuilleverantwoordelijkheid te verbinden met stevige afspraken met de gemeente. Zo vergroot je de kans dat plannen ook echt worden gebouwd. Maak stikstof, vergunningen en het volle stroomnet onderdeel van de projectaanpak vanaf de start. Zie het niet als een laatste check aan het einde. Door vroeg te sturen op wat nodig is, verklein je de kans op vertraging. Denk aan aanpassing van het project, compensatie van uitstoot binnen de regels of een goede ecologische onderbouwing.</span></span></span></span></span></span></p><p><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span><span>De CBS cijfers kun je bovendien sterk inzetten in het lokale gesprek. In gemeenten die achterblijven geven ze onderbouwing om samen te sturen op programmering en op het aandeel sociale huur. In koplopergemeenten helpen ze juist om het gesprek te voeren over wat er nodig is om het tempo richting 2027 en 2029 vol te houden.</span></span></span></p>"}},{"componentType":"linkList","componentStyle":"default","iconTitle":{"title":"Meer over"},"textLinks":[{"url":"/zakelijk/sector/public","text":"Public"},{"url":"/zakelijk/sector/public/vooruitzicht-woningcorporaties","text":"Actueel vooruitzicht Woningcorporaties"},{"url":"/zakelijk/sector/public/outlook-public-sector-en-non-profit","text":"Actueel vooruitzicht Overheid, Onderwijs en Kinderopvang"}]},{"componentType":"linkList","iconTitle":{"title":"Kennis over de economie"},"textLinks":[{"url":"/zakelijk/economie","text":"Onze economie"},{"url":"/zakelijk/sector/all-sectors","text":"Jouw sector"}]}]},"complementaryZone":{"flexComponents":[{"componentType":"cards","cards":[{"componentType":"productCard","cardType":"product","cardSize":"small","title":"Jan Willem Spijkman","intro":"Sector Banker Public & Healthcare","image":{"transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/72c18059-f71d-4a60-9bd5-3c5d6fe4ce88/Jan-Willem-Spijkman","type":"image","width":4023,"original":"https://assets.ing.com/m/d132bcf68ee35aac/original/Jan-Willem-Spijkman.jpg","extension":"jpg"},"link":{"url":"/zakelijk/sector/public/jan-willem-spijkman"}}]}]},"legalZone":{"flexComponents":[{"componentType":"paragraph","title":"ING & Duurzaamheid","richBody":{"value":"<p>De samenleving is in transitie naar een economie met weinig CO2-uitstoot. Dat geldt zowel voor onze klanten als voor ING. We financieren veel duurzame activiteiten, maar we financieren er nog altijd meer die dat niet zijn. Bekijk de vooruitgang die we boeken op <a href=\"https://www.ing.com/Sustainability/Climate-action/Our-climate-approach.htm\">ing.com/climate</a>.</p>"}}]}}}