{"type":"document","data":{"complementaryZone":{"flexComponents":[{"componentType":"sectionTitle","title":"Ook interessant"},{"cards":[{"body":"5 april - Kleinere en oudere ziekenhuizen staan voor grootste financiële uitdagingen","cardSize":"medium","cardType":"product","componentType":"productCard","image":{"extension":"jpg","original":"https://assets.ing.com/m/5405c734f6764dd3/original/sustainable-investing-1920.jpg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/5ec77a4a-988c-472f-86f5-52b58ef69ec6/sustainable-investing-1920","type":"image","width":1920},"link":{"url":"/zakelijk/sector/healthcare/themastudie-verduurzaming-ziekenhuisvastgoed"},"title":"Ziekenhuisvastgoed duurzamer, maar verschillen zijn groot"},{"cardSize":"small","cardType":"product","componentType":"productCard","image":{"extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/m/1bdb0542a5bbc801/original/Icon-Healthcare.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/384f3690-a7e0-418c-8cb4-efdef3091c4d/Icon-Healthcare","type":"image","width":236},"link":{"url":"/zakelijk/sector/healthcare"},"title":"Meer over Healthcare"},{"cardSize":"small","cardType":"product","componentType":"productCard","image":{"extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/m/4ea38cccac60bfad/original/Icon-Services.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/501a77b9-e22b-4861-9bbd-b21b2fc916ad/Icon-Services","type":"image","width":236},"link":{"url":"/zakelijk/sector/all-sectors"},"title":"Meer over sectoren"}],"componentType":"cards"},{"componentType":"sectionTitle","title":"Blijf op de hoogte"},{"cards":[{"cardSize":"small","cardType":"service","componentType":"serviceCard","image":{"extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/m/27711bd2f94a8e23/original/Icon-Envelope.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/ed278600-502d-4eab-b44c-b995dfb5f253/Icon-Envelope","type":"image","width":237},"link":{"url":"https://ingthink.slgnt.eu/optiext/optiextension.dll?ID=PbkPn7YpYhvjrFjvTUD8S3Vav52QmkvGQm7qSxkvuviMQZuzyw35feMmO6cH6bUlOBp%2BNWCyQFeoieEKV4"},"title":"Onze publicaties in je mailbox"},{"cardSize":"small","cardType":"product","componentType":"productCard","image":{"extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/m/5d6498c19f531619/original/Logo-X.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/53b8855d-2f0c-4e52-8575-ca5457329002/Logo-X","type":"image","width":786},"link":{"url":"https://twitter.com/ingnl_economie"},"title":"Volg ons op X"}],"componentType":"cards"}]},"contentType":"onecms:editorialPage","flexPageMetadata":{"afmBanner":false,"description":"Zorgaanbod blijft stevig doorgroeien ondanks aangekondigde bezuinigingen","robotInstruction":{"noFollow":false,"noIndex":false}},"flexZone":{"flexComponents":[{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<ul><li><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Ondank de voorgenomen bezuinigingen van kabinet Jetten-I, blijft de zorgsector stevig doorgroeien in 2026 en 2027. </span></span></span></span></span></li><li><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Het arbeidstekort blijft hoog en het aantal openstaande vacatures klimt naar 70.000.</span></span></span></span></span></li><li><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Zorgaanbieders zullen daarom in de komende jaren meer moeten inzetten op digitalisering en preventie. </span></span></span></span></span></li></ul>"}},{"alignedImage":{"position":"bottom","extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/asset/3338c98b-f029-4da3-8b0d-cbbb5d221d46/3-volumegroei-zorg-juni-2026.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/3338c98b-f029-4da3-8b0d-cbbb5d221d46/3-volumegroei-zorg-juni-2026"},"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>De vraag naar zorg blijft stevig toenemen door vergrijzing, bevolkings- en welvaartsgroei en vooruitgang in wetenschap en medische technologie. Wij verwachten een volumegroei van 2,0% in 2026 en 2027. De Nederlandse zorguitgaven, waarvan ongeveer 83% collectief bekostigd wordt, stijgen dit jaar met iets meer dan 4% naar 119,5 miljard. Dat groeipercentage ligt significant hoger dan de </span></span><a href=\"https://www.ing.nl/zakelijk/economie/nederland/verwachtingen-voor-de-economie-in-cijfers\"><span>groei van de economie</span></a><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>. </span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"en-NL\" dir=\"ltr\">We hebben onze groeiverwachting iets verlaagd, omdat het nieuwe kabinet de zorguitgaven tot 2030 jaarlijks met 10 miljard wil beperken. </span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\">Tegelijkertijd laten de meest recente begrotingsstukken zien dat de druk niet overal dezelfde kant op beweegt: in de Voorjaarsnota vallen de zorguitgaven de komende jaren honderden miljoenen euro’s lager uit dan eerder geraamd. Die meevaller wordt vooral ingezet om tegenvallers elders op te vangen. </span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\">P<span>ublieke zorguitgaven drukken relatief zwaar op de begroting en de overheidsuitgaven lopen breder op (defensie, klimaat), hetgeen de budgettaire ruimte beperkt. </span>Een aantal voorstellen dat het kabinet <span>hiervoor doet zijn het verhogen van het eigen risico van 385 euro naar 455 euro per jaar, de belastingaftrek voor specifieke zorgkosten afschaffen en de uitkering voor arbeidsongeschiktheid verlagen. De oppositie is fel tegen deze bezuinigingen gekant, dus het is de vraag of het kabinet deze bezuinigingen door beide Kamers krijgt.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Daar staat tegenover dat er ook extra middelen beschikbaar komen om de beweging naar het sociaal domein te ondersteunen. Gemeenten krijgen de komende drie jaar in totaal circa 1,5 miljard euro uit het VWS-budget, bedoeld voor afspraken uit onder meer het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA), het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Dat onderstreept dat de beleidsrichting niet alleen draait om bezuinigen, maar ook om verschuiving van zorg naar preventie, zelfredzaamheid en betere samenwerking tussen zorg en sociaal domein.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Tevens is de voorgenomen bezuiniging op de gehandicaptenzorg voor 2027 is uitgesteld. Door binnen de VWS-begroting te schuiven wordt circa 170 miljoen euro aan geplande besparingen ongedaan gemaakt tot na 2027, mede na een aangenomen motie in de Tweede Kamer. Op het totaal van de langdurige zorg is dit geen grote structurele draai, maar het laat wel zien dat politieke weerstand tegen verdere bezuinigingen in kwetsbare zorgsegmenten concreet effect heeft.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Ook personeelstekorten blijven een structureel knelpunt met potentieel honderdduizenden onvervulde vacatures op langere termijn. Dit betekent dat volumegroei in toenemende mate afhankelijk wordt van productiviteitswinst (digitalisering, AI, substitutie naar eerstelijnszorg) in plaats van pure arbeidsinzet.</span></span></span></span></span></p>"},"title":"Toenemende zorgvraag betekent substantiële volumegroei"},{"alignedImage":{"position":"bottom","extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/asset/89f428ba-7923-406f-967b-17a30a29a689/1-openstaande-vacatures-zorg.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/89f428ba-7923-406f-967b-17a30a29a689/1-openstaande-vacatures-zorg"},"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span><strong><span><span><span>Openstaande vacatures sterk gestegen sinds 2020</span></span></span></strong></span></span></span></span><br /><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>In het eerste kwartaal van 2020 waren er grofweg 37.000 openstaande vacatures in de zorg en welzijnsector, zes jaar later staat de teller op bijna 70.000. Deze stijging in vacatures wordt gedreven door zowel groeiende vraag (door vergrijzing), maar ook door personeelsuitstroom, beperkte instroom en hoge werkdruk en relatief hoog verzuim. De personeelsschaarste blijft dus structureel groot. Daarnaast blijft het tegengaan van schijnzelfstandigheid een belangrijke prioriteit. </span></span></span></span></span></p>"}},{"alignedImage":{"position":"bottom","extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/asset/7234f00d-6580-49aa-98e8-09f4eb75160a/2-vacaturegraad-subsectoren.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/7234f00d-6580-49aa-98e8-09f4eb75160a/2-vacaturegraad-subsectoren"},"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Sinds begin 2020 is de vacaturegraad (het aantal vacatures per 1000 banen) het sterkst opgelopen in de eerstelijns- en gehandicaptenzorg. In de gehandicaptenzorg speelt vooral structurele krapte: de zorg is intensief en complex, vraagt veel personeel per cliënt en kent een hogere uitstroom door de zwaarte van het werk, wat het invullen van posities bemoeilijkt. In de eerstelijnszorg zorgt de combinatie van vergrijzing en de verschuiving van zorg naar buiten het ziekenhuis voor extra druk, terwijl tekorten aan huisartsen en ondersteunend personeel, samen met hoge werk- en regeldruk, het aanbod verder beperken. Samen verklaart dit waarom de vacaturegraad juist in deze segmenten het snelst stijgt.</span></span></span></span></span></p>"},"title":"Vacaturegraad vooral snel toegenomen in eerstelijns- en gehandicaptenzorg"},{"alignedImage":{"position":"bottom","extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/asset/345bd977-ea7c-468c-9c25-6b98d023f622/5-remote-monitoring.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/345bd977-ea7c-468c-9c25-6b98d023f622/5-remote-monitoring"},"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Thuismonitoring en digitalisering bieden de kans om de druk op zorgpersoneel te verlichten door zorg slimmer en minder arbeidsintensief te organiseren. Door patiënten op afstand te monitoren en alleen naar het ziekenhuis te laten komen wanneer dat medisch nodig is, kan het aantal fysieke consulten en opnames fors omlaag. </span></span><a href=\"https://www.ing.nl/zakelijk/sector/healthcare/themastudie-thuismonitoring-ziekenhuizen\"><span>In onze recent uitgebrachte sectorstudie thuismonitoring schatten wij</span></a><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"> <span>dat brede inzet van thuismonitoring jaarlijks circa 350.000 ziekenhuisopnames en 500.000 consulten kan voorkomen, waardoor schaarse capaciteit vrijkomt voor complexere zorg. Tegelijk maakt digitalisering het mogelijk om zorg deels te verschuiven van het ziekenhuis naar huis en processen efficiënter in te richten, waardoor de productiviteit per zorgmedewerker verhoogd wordt. Daarmee is het geen volledige oplossing voor personeelstekorten, maar wel een essentieel onderdeel om de zorgvraag met beperkte arbeidskracht op te vangen.</span></span></span></span></span></p>"},"title":"Thuismonitoring en digitalisering kunnen helpen het personeelstekort het hoofd te bieden"},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><strong><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Naast digitalisering is ook samenwerking een prioriteit voor ziekenhuizen</span></span></strong></span></span></span><br /><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Ziekenhuizen nemen maatregelen om de zorg doelmatiger en toekomstbestendig te organiseren. Daarbij verschuift de focus naar laagdrempelige en preventieve zorg, zoals ook vastgelegd in het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Om dit te realiseren werken zij intensiever samen met eerstelijnszorg, ouderenzorg en welzijnspartijen, met als doel de onderliggende oorzaken van zorgvragen via regionale netwerken aan te pakken. Ook onderlinge samenwerking tussen ziekenhuizen speelt een belangrijke rol, bijvoorbeeld om wachttijden te verkorten en de kwaliteit van zorg te verbeteren. Daarnaast liggen er kansen in het slimmer organiseren van diagnostiek en behandelingen, zoals een gerichtere inzet van OK-capaciteit en het verminderen van polikliniekbezoeken door inzet van thuismetingen, apps en zorg op afstand.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Gedreven door landelijke volumenormen en de ambitie om kwaliteit te verhogen, concentreren topklinische en universitaire centra zich steeds meer op complexe zorg door hun behandelvolumes op te schroeven. Dit gaat gepaard met verdere specialisatie en een verschuiving van planbare zorg naar algemene ziekenhuizen. Tevens ervaren deze algemene ziekenhuizen toenemende concurrentie van zelfstandige klinieken. Deze klinieken onderscheiden zich door hun specialisatie en korte wachttijden, terwijl zij doorgaans geen dure en complexe nazorg bij complicaties hoeven te leveren. Voor ziekenhuizen vormt dit een financieel risico, omdat electieve zorg gemiddeld hogere marges heeft dan complexe zorg. Om concurrerend te blijven, ontwikkelen ziekenhuizen daarom steeds vaker focusklinieken, waarin zij gespecialiseerde planbare zorg aanbieden met het ziekenhuis als vangnet.</span></span> </span></span></span></p>"}},{"alignedImage":{"position":"bottom","extension":"svg","original":"https://assets.ing.com/asset/16d66c4d-ecec-4c1c-a843-02039001cef4/4-Eerstelijnszorg.svg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/16d66c4d-ecec-4c1c-a843-02039001cef4/4-Eerstelijnszorg"},"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><strong><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Aanhoudend hoge werkdruk bij huisartsen door groei, schaal en personeelstekorten</span></span></strong></span></span></span><br /><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Zoals al bleek uit de vacaturegraad, kende de eerstelijnszorg de afgelopen jaren een bovengemiddelde volumegroei, mede door de grotere rol die in zorgakkoorden aan huisartsen is toebedeeld. Hoewel er vanuit landelijk beleid nog steeds relatief ruime groeimogelijkheden zijn, groeit de medisch-specialistische zorg inmiddels in een vergelijkbaar tempo. Tegelijkertijd blijft de werkdruk in vaak kleinschalige huisartsenpraktijken hoog, wat uitbreiding richting preventie en taken uit de tweede lijn belemmert. Dit hangt samen met een tekort aan huisartsen, hoge administratieve lasten en relatief hoog ziekteverzuim. Daarnaast neemt de zorgvraag toe door vergrijzing en immigratie. Door lange wachttijden elders zien huisartsen bovendien vaker patiënten die zij zelf onvoldoende kunnen helpen.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Het AZWA legt daarom nadruk op schaalvergroting en samenwerking tussen huisartsen, zodat betere organisatievormen ontstaan om complexere zorgvragen op te vangen. Digitale zorg kan verlichting bieden, maar is geen oplossing voor patiënten zonder toegang tot een praktijk. Vanaf 2027 wordt landelijke financiering van regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden (RESV’s) voorzien. Daarnaast wordt gewerkt aan zogeheten “hechte wijkverbanden” met multidisciplinaire samenwerking. Nog dit jaar wordt onderzocht in hoeverre huidige contractering en bekostiging samenwerking in de wijk belemmeren.</span></span></span></span></span></p>"}},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><strong><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Hervormingen moeten jeugdzorg en ggz doelmatiger maken</span></span></strong></span></span></span><br /><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>De vraag naar jeugdzorg en basis-ggz groeit al jaren sterk, wat leidt tot aanzienlijke wachttijden, vooral voor mensen met complexere problematiek. Nieuwe wetgeving en maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd moeten zorgen voor betere toegankelijkheid en meer duidelijkheid. In de periode 2025–2027 wordt circa €3 miljard extra geïnvesteerd in jeugdzorg, terwijl Rijk en VNG aanvullende afspraken maken over een toekomstbestendig stelsel. De nadruk ligt op preventie via onderwijs, wonen en bestaanszekerheid, inzet van informele steun en het versterken van basisvoorzieningen, evenals het verkorten van wachttijden voor zwaardere zorg. Lokale teams spelen hierin een centrale rol.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Ook in de ggz verschuift de focus naar behandeling van lichtere klachten dichtbij huis, via gemeenten en voorzieningen zoals wijksteunpunten en welzijnscoaches. Tegelijkertijd krijgen kwetsbare patiënten meer prioriteit bij aanbieders en zorgverzekeraars. Om wachttijden te verminderen wordt ingezet op meer groepsbehandelingen en een combinatie van digitale en fysieke zorg. Zorgverzekeraars gaan actiever bemiddelen tussen zorgvraag en -aanbod. Verdere speerpunten zijn intensievere samenwerking tussen huisartsen en het sociaal domein, en duidelijkere afspraken over duur, intensiteit en behandelvorm.</span></span></span></span></span></p><p> </p><p><span><span><span><strong><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Nieuwe bekostiging langdurige zorg en hogere tarieven voor complexe gehandicaptenzorg</span></span></strong></span></span></span><br /><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) introduceert in 2026 nieuwe regels voor de langdurige zorg. Met name cliënten met een VG7-profiel – mensen met een verstandelijke beperking en een zeer intensieve zorgbehoefte – zullen de veranderingen merken. Voor deze groep komt een extra prestatie (VG7-plus) met een hoger tarief, zodat zwaardere zorg beter wordt gefinancierd. Daarnaast worden tarieven in de gehandicaptenzorg en langdurige ggz herijkt op basis van kostprijsonderzoek.</span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span> Wel staat een deel van de financiële ruimte voor instellingen op losse schroeven door het uitstel van bezuinigingen in de gehandicaptenzorg. Dat uitstel wordt namelijk betaald uit extra geld dat oorspronkelijk was bedoeld om via hogere tarieven de financiële reserves van zorginstellingen te versterken. Minister Sterk heeft die tariefverhoging uitgesteld, uit zorg dat instellingen het geld vooral zouden gebruiken om winst te maken of onnodig veel te sparen.</span></span></span></span></span></p>"}},{"componentType":"paragraph","richBody":{"value":"<p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Het HLO (2025–2028) bouwt voort op bestaand beleid zoals het WOZO-programma en zet in op langer zelfstandig thuis wonen, ondersteund door reablement, technologie en mantelzorg. </span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Voor de VVT-sector is dit een belangrijke koerswijziging, omdat groei in de ouderenzorg steeds minder via extra verpleeghuiscapaciteit wordt opgevangen en steeds vaker via zorg thuis, geclusterd wonen en samenwerking met wijkverpleging en het sociaal domein. </span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>De toegang tot verpleeghuizen wordt sterker landelijk gestroomlijnd, zodat capaciteit vooral beschikbaar blijft voor ouderen met de meest complexe zorgvraag. Tegelijk wordt ingezet op forse vermindering van administratieve lasten</span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>: in verpleeghuizen moet het aandeel administratietijd dalen van ruim 30% naar circa</span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span> 20% </span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>in </span></span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>2030.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Ook de bekostiging van extramurale ouderenzorg gaat veranderen. In het huidige stelsel lopen ondersteuning en zorg via verschillende routes naast elkaar: Wmo voor ondersteuning thuis, Zvw voor onder meer wijkverpleging en Wlz voor langdurige zorg via bijvoorbeeld het Modulair Pakket Thuis (MPT) of Volledig Pakket Thuis (VPT). Juist die versnippering belemmert soms samenwerking en maakt het aanbod voor cliënten en aanbieders minder overzichtelijk. Vanaf 2027 wordt bij ongeclusterde Wlz-zorg zonder verblijf het MPT in principe de norm. Zorgverzekeraars Nederland verwacht daardoor dat de groei van het aantal ongeclusterde VPT’s vanaf 2027 stopt en dat het aandeel ongeclusterde VPT’s daarna zowel absoluut als relatief gaat afnemen.</span></span></span></span></span></p><p><span><span><span><span lang=\"NL\" dir=\"ltr\"><span>Op langere termijn wil VWS toe naar een eenvoudiger bekostigingsmodel voor ouderenzorg thuis. Vanaf 2028 wordt gewerkt aan één nieuwe leveringsvorm voor Wlz-zorg zonder verblijf, die MPT en VPT moet vervangen en zowel voor geclusterde als ongeclusterde woonvormen geschikt moet zijn. Mogelijk volgt daarna een bredere integratie van de huidige bekostiging via Wmo, Wlz en Zvw in één wettelijk kader, zodat wonen, ondersteuning, wijkverpleging en langdurige zorg beter op elkaar aansluiten. Dat is beleidsmatig logisch, maar politiek en uitvoeringsmatig complex: de precieze vorm, timing en financiële effecten hangen af van wetgeving, zorginkoop en de vraag hoe verantwoordelijkheden tussen gemeenten, zorgverzekeraars en zorgkantoren worden verdeeld.</span></span></span></span></span></p>"},"title":"Akkoord ouderenzorg beperkt toegang tot verpleeghuis en zet in op thuis wonen"},{"cards":[{"cardSize":"small","cardType":"product","componentType":"productCard","image":{"altTextNL":"Diederik Stadig","extension":"jpg","original":"https://assets.ing.com/m/231a08bcfde1271e/original/Diederik-Stadig-500x500px.jpg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/63d349be-35c1-465e-9ec5-80cd3a6a0595/Diederik-Stadig-500x500px","type":"image","width":858},"intro":"Econoom Zorg & Technologie","link":{"url":"/zakelijk/economie/over-ing-research/auteur/diederik-stadig---about-author-page"},"title":"Diederik Stadig"}],"componentType":"cards"},{"accordionList":[{"richBody":{"value":"<p>Deze publicatie is opgesteld door de &apos;Economic and Financial Analysis Division&apos; van ING Bank N.V. (&quot;ING&quot;) en slechts bedoeld ter informatie van haar cliënten. Deze publicatie is geen beleggingsaanbeveling noch een aanbieding of uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument. Deze publicatie is louter informatief en mag niet worden beschouwd als advies in welke vorm dan ook. ING betrekt haar informatie van betrouwbaar geachte bronnen en heeft alle mogelijke zorg betracht om ervoor te zorgen dat ten tijde van de publicatie de informatie waarop zij haar visie in deze publicatie heeft gebaseerd niet onjuist of misleidend is. ING geeft geen garantie dat de door haar gebruikte informatie accuraat of compleet is. ING noch één of meer van haar directeuren of werknemers aanvaarden enige aansprakelijkheid voor enig direct of indirect verlies of schade voortkomend uit het gebruik van (de inhoud van) deze publicatie alsmede voor druk- en zetfouten in deze publicatie. De informatie in deze publicatie geeft de persoonlijke mening weer van de Analist(en) en geen enkel deel van de beloning van de Analist(en) was, is, of zal direct of indirect gerelateerd zijn aan het opnemen van specifieke aanbevelingen of meningen in dit rapport. De analisten die aan deze publicatie hebben bijgedragen voldoen allen aan de vereisten zoals gesteld door hun nationale toezichthouders aan de uitoefening van hun vak. De informatie in deze publicatie kan gewijzigd worden zonder enige vorm van aankondiging. ING noch één of meer van haar directeuren of werknemers aanvaarden enige aansprakelijkheid voor enig direct of indirect verlies of schade voortkomend uit het gebruik van (de inhoud van) deze publicatie alsmede voor druk- en zetfouten in deze publicatie. Auteursrecht en rechten ter bescherming van gegevensbestanden zijn van toepassing op deze publicatie. Niets in deze publicatie mag worden gereproduceerd, verspreid of gepubliceerd door wie dan ook voor welke reden dan ook zonder de voorafgaande uitdrukkelijke toestemming van de ING. Alle rechten zijn voorbehouden. ING Bank N.V. is statutair gevestigd te Amsterdam, houdt kantoor aan Bijlmerplein 888, 1102 MG te Amsterdam, Nederland en is onder nummer 33031431 ingeschreven in het handelsregister van de kamer van koophandel. In Nederland is ING Bank N.V. geregistreerd bij en staat onder toezicht van De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten. Voor nadere informatie omtrent ING policy zie https://research.ing.com/.</p>"},"title":"Disclaimer"}],"componentType":"accordion"}]},"hasMacro":false,"id":"ddbf576a-1a2b-4bb2-8be1-578bcde90bda","localeString":"nl-NL","mainHeaderZone":{"authorInfo":{"authorName":"Diederik Stadig","image":{"altTextNL":"Diederik Stadig","extension":"jpg","original":"https://assets.ing.com/m/231a08bcfde1271e/original/Diederik-Stadig-500x500px.jpg","transformBaseUrl":"https://assets.ing.com/transform/63d349be-35c1-465e-9ec5-80cd3a6a0595/Diederik-Stadig-500x500px","type":"image","width":858},"jobTitle":"Econoom Zorg & Technologie"},"backLink":{"textLink":{"text":"Healthcare","url":"/zakelijk/sector/healthcare"}},"componentType":"editorialHeader","coreHeader":{"title":"Zorgsector blijft groeien ondanks beperking uitgaven en arbeidstekort"},"date":"2026-06-24","readingTime":8},"publishDate":"2026-06-24T10:20:06.597+02:00"}}